Blog

Tussen alle teksten voor anderen door is er soms tijd voor een eigen werkje. Een hersenspinsel dat even rond blijft hangen totdat ie het papier verdient en uitgroeit tot een column.

25
feb 2019

Vrouwengriep

Zucht, puf, steun… wat heb ik een hekel aan dat geklaag bij een mannengriep. Van die lange, lage kreunen vanonder de deken en een diepe zucht bij elke beweging die het lamme lijf moet maken. Ik breng hem nog net een glas water, maar het beetje medelijden dat ik heb daalt telkens weer tot onder het vriespunt…
Want kijk naar mij: Altijd wat, dat wel, maar griep: nooit! Nou ja, bijna nooit want nu lig ik hier onder drie dekens, met twee pittenzakken en broek, trui en sokken in bed.

Even heb ik geprobeerd me groot te houden.. Even slapen en door! Maar helaas ging die vlieger niet op. Ik pak voor de vorm nog even een stofdoek, ga vervolgens een potje kaarten met zoonlief maar veel verder kom ik niet. De rest van de tijd beweeg ik me als een verdwaald schaap door het huis.

Mijn man ziet het aan. Zonder oordeel, zo lijkt het.. De schat maakt een kopje thee, poetst de wc schoon als ik mijn thee en ontbijt er niet veel later weer loos en aait me eens van een afstandje door m’n haar.
Ik voel een klein schuldgevoel opkomen.
Klappertanden zonder geluid is gewoon echt onmogelijk! Liggen zonder rugpijn ook en tja, dan ontsnapt er wel eens een kreun. En het eerste zonnige weekend doorbrengen binnen op de bank, daar moet ik gewoon soms even heel hard van zuchten..

Aan het eind van dag twee zie ik een andere blik in de ogen van mijn man. Ondanks dat zijn club niet gewonnen heeft, staat zijn gezicht op een kleine overwinning. Hij lacht een beetje om mijn gesteun en zegt dan quasi triomfantelijk: “Je begint al aardig op een man te lijken.”